GUF en GPD per overheid

Welke bronhouders hebben welke aanleverplicht in het domein Grondwatergebruik?

Het domein grondwatergebruik omvat de gegevens van alle vergunnings- of meldingsplichtige vormen van grondwatergebruik: grondwateronttrekkingen en infiltraties (ongeacht gebruiksdoel of grootte) en de gesloten en open bodemenergiesystemen. Gemeenten, waterschappen en provincies moeten hiermee aan de slag. Wie doet wat?

De gegevens vallen onder 2 registratieobjecten: Grondwatergebruiksysteem (GUF) en Grondwaterproductiedossier (GPD). GUF omvat gegevens van de ondergrondse constructie van ’een grondwatersysteem, terwijl in GPD de hoeveelheden geproduceerd of teruggepompt water worden geregistreerd.

In de wettelijke kaders van de Waterwet, Wet Milieubeheer en binnenkort ook de Omgevingswet, is de verantwoordelijkheid voor verschillende vormen van grondwatergebruik ’verdeeld’ over verschillende bestuursorganen. Vanuit deze bevoegd gezag-rol hebben die bestuursorganen vanaf 1 juli 2022 de plicht om gegevens van grondwatergebruik-systemen die onder hun verantwoordelijkheid vallen, aan te leveren aan de BRO.

Hieronder leggen we uit waarvoor gemeentes, waterschappen en provincies aan de lat staan.

Gemeenten: GUF

Voor gemeenten zijn de gegevens van gesloten bodemenergiesystemen (GBES) van belang (ook wel bodemwarmtewisselaars genoemd). Zij zijn namelijk verantwoordelijk voor het toezicht en de handhaving van deze energiesystemen binnen hun gemeentegrenzen. De initiatiefnemer/exploitant/eigenaar van ’een dergelijk systeem moet bij de aanleg een aantal gegevens over dat systeem aanleveren aan de gemeente.

Bij gesloten bodemenergiesystemen wordt geen grondwater wordt gebruikt. Dit betekent dat voor gemeenten alleen het registratieobject GUF van belang is om vanaf 1 juli 2022 aan te leveren aan de BRO; GPD is voor gemeenten niet relevant.

De meeste gemeenten hebben hun toezicht en handhavingsrol voor gesloten bodemenergiesystemen (en daarmee ook het gegevensbeheer) gedelegeerd aan de Omgevingsdienst waartoe ze behoren.

Waterschappen: GUF en GPD

Het bevoegd gezag van de ‘kleinere‘ grondwateronttrekkingen (< 150.000 m3/jr) ligt bij de waterschappen. Let wel: in buitendijkse gebieden van rijkswateren voert Rijkswaterstaat het bevoegd gezag. Deze kleinere onttrekkingen zijn bijvoorbeeld onttrekkingen van grondwater voor kleine industriële doelen: proceswater, koelwater, bluswater, veedrenking, beregening, bronbemaling, bodem- en of grondwatersanering, maar ook peilgestuurde drainage met een pomp. Ook voor deze grondwaterwinning geldt dat vanuit de vergunningsvoorwaarden de initiatiefnemer/exploitant/eigenaar bij de aanleg ervan gegevens van de onttrekkingsconstructie aan het waterschap moet aanleveren. Ook moeten de hoeveelheden onttrokken water gedurende de onttrekkingsperiode worden gerapporteerd.

Waterschappen, die bronhouder zijn van deze grondwateronttrekkingen, moeten zowel GUF,- als GPD-gegevens vanaf 1 juli 2022 aanleveren.

Provincies: GUF en GPD

De provincies zijn verantwoordelijk voor de grotere industriële grondwateronttrekkingen ( >150.000 m3/jr). Dit zijn de open bodemenergiesystemen en de drinkwateronttrekkingen van de waterbedrijven. Ook hier geldt vanuit de vergunningsvoorwaarden dat de initiatiefnemer/exploitant/eigenaar bij de aanleg van een dergelijk systeem gegevens van de onttrekkingsconstructie aan de provincie moet aanleveren en dat de hoeveelheden onttrokken water worden gerapporteerd gedurende de onttrekkingsperiode.

Provincies moeten als bronhouder zowel GUF als GPD vanaf 1 juli 2022 registreren in de BRO.