Terugblik BRO Kwartaal-event

We zijn gestart met een nieuwe traditie: het BRO Kwartaal-event. Op 2 april vond het eerste event plaats in Amersfoort onder het motto 'Samen de diepte in'. Zo’n 65 deelnemers bespraken een aantal aspecten van de Basisregistratie Ondergrond en maakten ook hun handen vuil. Er werd veel verteld, veel gevraagd en er waren kritische noten en positieve feedback. Er zijn vooral ook (nieuwe) contacten gelegd. We blikken met veel plezier met u terug op 3 manieren: het getekende verslag, het fotoverslag en een geschreven terugblik.

Let op: het volgende BRO Kwartaal-event vindt plaats op 2 juli a.s. Zet u de datum alvast in uw agenda?  Aanmelden kan ook al via het aanmeldformulier.

Getekend verslag BRO Kwartaal-event 2 april 2019

Fotoverslag

Beleef de bijeenkomst (opnieuw) via het fotoverslag.

Terugblik

Welkom en introductie

Martin Peersmann, manager van het programma Basisregistratie Ondergrond (BRO) heet iedereen hartelijk welkom. Hij neemt de aanwezigen mee in de grote opgaven de komende jaren: energietransitie, woningbouw en de landbouwopgave. De ruimte in de ondergrond is beperkt, dus we moeten goed nadenken hoe we die inrichten met elkaar.

De wereld van de BRO

Tjaart Vos, projectleider Gebruik en Baten bij de BRO, maakt de ondergrond tastbaar. Hij introduceert Nederland als een laaggelegen delta die grotendeels onder de zeespiegel ligt. Het land is door de mens gemaakt en kent unieke landschappen. Kennen de deelnemers de soorten grond in onze ondergrond? Hij nodigt iedereen uit voor een kleine quiz: er staan 5 bakken met soorten grond, raad wat het is en leg het op de goede locatie op de kaart van Nederland. Gelukkig hadden veel mensen het goed!

De BRO levert een bijdrage aan de grote opgaven in ons land. Opgave van de BRO: van data organiseren naar 3D modellen (twinning). Datakwaliteit vereist standaarden en verstand.

Korte technische demo

Kor Gerritsma, ketenmanager bij de BRO, neemt de zaal mee in het digitaliseringsproject.  In 2009 hebben we eerder Geo informatie gebundeld: op papier in de Bosatlas van de Ondergrond. Anno 2019 doen we dit natuurlijk digitaal: in de Basisregistratie Ondergrond (BRO). De BRO is een IT-systeem dat bestaat uit het Bronhouderportaal, de centrale systemen, waarvan de Landelijke Voorziening de belangrijkste is, en diverse uitgavevoorzieningen zoals PDOK en het (DINO) BRO-Loket. Verder hebben we diverse gebruikersfunctionaliteiten zoals viewers en validatiediensten.

De keten is begonnen met twee wekelijkse releases. De release notes zijn online beschikbaar. We hebben een demo gedaan van het Bronhouderportaal. Iedereen is uitgenodigd voor de productdemo’s. Zie hiervoor de agenda op deze website.

De sessies

De diepte in over booronderzoek in de BRO

Deze workshop stond in het teken van de diversiteit van het booronderzoek binnen de BRO. De knowhow van de mensen die zich bezighouden met het onderzoek, en de behoefte van informatie is per vakgebied anders. Deze verschillen zijn voor de BRO bij de standaardisatie ook reden geweest om het booronderzoek per vakgebied op te pakken. In de toekomst wordt vervolgens gekeken hoe we het geheel zo veel mogelijk naar elkaar toe kunnen brengen. Ook de normering kwam ter sprake: de NEN-EN-ISO 14688 norm van 2018, heeft de NEN5104 vervangen. Met name het geotechnisch werkveld loopt hierbij voorop om de nieuwe norm te implementeren. Maar ook vanuit de andere vakgebieden kwamen geluiden om de implementatie zo snel mogelijk door te zetten.

Er ontstond in de zaal een goede discussie over de wijze waarop nu gestandaardiseerd wordt als het gaat om  de opdeling in vakgebieden en de mogelijkheid om zo snel mogelijk nieuw geproduceerde informatie in de BRO op te nemen, ongeacht welk vakgebied. De aanwezigen gaven aan dat de basis van de informatie volgens een norm geproduceerd wordt en mogelijk daarnaast ook nog andere informatie per vakgebied aanwezig is. Ook werd ook de vraag gesteld of men dan ook booronderzoek dat vanuit het vakgebied milieuhygiëne geproduceerd wordt, al wel kan aanleveren aan de BRO op vrijwillige basis. Dat kan nog niet. Het programma zoekt nu stapsgewijs uit of en zo ja wanneer dit onderwerp aan de BRO kan worden toegevoegd.

De discussies leverde voldoende input aan het Programma om nog eens te kijken naar de wijze waarop nu gestandaardiseerd wordt en de mogelijkheid om hier op een iets andere manier versnelling in aan te brengen, zodat booronderzoek vanuit een breder perspectief kan worden aangesloten. Inmiddels is dit punt opgepakt door het programmabureau en wordt uitgewerkt.

Praktijkvoorbeeld: tunnels Zuidasdok

De mogelijkheid van de digitale modellering van de maatschappelijke ruimtelijke opgaven werd besproken aan de hand van de casus Zuidasdok, een van de Proofs of Concept (PoC) van de BRO. Zuidasdok vormt de komende jaren een van de grootste bouwprojecten in ons land. Het project omvat onder meer de verbreding en deels ondergronds brengen van Rijksweg A10 Zuid, uitbreiding en vernieuwing van station Amsterdam Zuid en het opnieuw inrichten knooppunten Amstel en De Nieuwe Meer. Inzicht in ondergrondgegevens en koppeling met de bovengrond is dus belangrijk. De BRO heeft meerwaarde voor dit soort grote opgaven. De projectcoördinerend adviseur Harry Dekker van Rijkswaterstaat vertelde over de geotechnische uitdagingen bij de tunnels van de A10 Zuid. Conclusie was dat aandacht voor de ondergrond voorafgaand aan de besluitvorming het meeste effect in integrale aanpak en efficiency oplevert. Bij de PoC Zuidasdok heeft het ingediende tunnelontwerp overleg tussen de partijen gevergd. Modellering in de planfase van projecten met data uit o.a. de Basisregistratie Ondergrond helpt met betrouwbare informatie voor besluitvorming.

Meer lezen? De PoC s zijn te vinden op onze website.

De diepte in over aanleveren en uitleveren van modellen

Hoe maak je goede modellen van de ondergrond met uw input uit grond- en bodemonderzoek? Dat was het onderwerp van deze sessie. Binnen de BRO kennen we modellen van de bodem en modellen van de ondergrond, DGM, GeoTOP en REGIS II. Deze komen beschikbaar als download en er is gebruikersfunctionaliteit in het loket. Er werd uitgelegd hoe de informatie in de modellen te gebruiken is in het Loket, en in de zaal werden goede vragen gesteld en beantwoord over de wijze waarop toekomstige verbeteringen van de modellen kunnen worden bereikt. Rijkswaterstaat heeft bijvoorbeeld een project ‘verbeterde lagen’ en in grensstreken bestaan H3O modellen waar internationaal aan wordt gewerkt. De resultaten van de H3O modellen worden in nieuwe releases van DGM, REGIS II en GeoTOP meegenomen.

Geokennis op maat

In de sessie Geokennis Op Maat werd de ondergrond als kans voor ruimtelijke opgaven toegelicht. Voorafgaand aan het Projectbesluit hebben bestuurders, planologen, beleidsmedewerkers passende informatie nodig. Vanuit de BRO-data naar nieuwe informatieproducten en vandaar naar wijze besluiten. Deze procesinnovatie vraagt om ontwikkeling van digitale Geokennis-op-Maat-producten, met het register BRO als een randvoorwaarde voor betrouwbaarheid. Gemeenten en andere overheden kunnen hier binnen hun processen veel plezier van hebben.

Hierna was er ruimte voor vragen en inzichten uit de zaal.

  • Een aantal deelnemers realiseren zich dat ze iets moeten doen met de BRO, namelijk aanleveren, maar vragen zich af bij welke onderdelen van de organisatie zij moeten zijn. Dit is een vraagstuk dat vaker speelt bij BRO-coördinatoren. Hier zijn geen panklare oplossingen voor. Het is vaak even zoeken en daar moet iedere organisatie zijn eigen weg in vinden.
  • Ook de aannemer weet dat hij moet aanleveren maar weet soms nog niet hoe. Lelystad (Nancy van Metelen) heeft hiervoor een portaal gemaakt met alle informatie over de BRO.
  • Hoe krijg ik collega’s en bestuurders mee?
    Bekendheid met de BRO is belangrijk. Bestuurders zeggen dat technisch alles kan. De consequentie daardoor voor de uitvoering kan zo groot zijn, dat bestuurders dan een andere keuze hadden willen maken.  Daar moeten bestuurders inzicht in krijgen.  Als je laat zien wat de winst van de BRO kan zijn, dan worden mensen enthousiast.
  • Kan er gekoppeld worden met sensornetwerken? Deze technieken vragen om registratiekeuzen, bijvoorbeeld over de frequentie van aanleveren, in gebundelde datasets of continu.
  • Wanneer kun je in de BRO grondwaterstanden en WKO invoeren? Erik van der Zee, architect bij het programma BRO, geeft aan dat grondwaterstanden in tranche 3 in de planning zit en dat voor WKO nog gekeken wordt wanneer dit in de planning gezet kan worden.
  • Hoe belangrijk is samenwerking?
    Katja Buis, gemeente Zwolle: Integraliteit is belangrijk binnen Omgevingswet. Zwolle wil als 1 overheid, met waterschappen en provincie iets bereiken voor de Leefomgeving. We willen een discussie over wie is waarvoor verantwoordelijk vermijden. En we willen voorkomen dat er dubbele data wordt gewonnen.
  • Tjaart Vos, projectleider BRO, legt uit dat grondwatertaken zowel bij provincie als gemeente liggen en dat samenwerking ook daarom belangrijk is. Onder de Omgevingswet krijgt de provincie de taak voor de kwaliteit van de grondwaterlichamen, net als nu in de Waterwet. De gemeente kan maatregelen nemen ter verbetering van de lokale grondwaterkwaliteit. Voor meer informatie over dit onderwerp zie de site van de Omgevingswet.
  • M. Hoogveld van de Vereniging Ondernemers Technisch Bodemonderzoek (VOTB) laat weten dat de bronhouder zich vaak niet realiseert dat de BRO inspanning vraagt van bedrijven. Fysieke metingen kennen kosten, dat wordt niet anders. De bronhouder moet zaken wel goed organiseren binnen de eigen organisatie om aan de wettelijke aanlever- en raadpleegplicht te voldoen.
  • Tot slot de vraag van het programma BRO: We willen graag weten of we het juiste doen. Als je vragen hebt of je wilt iets, neem dan contact op met het programma via de servicedesk.

Slot

Er is een samenvattende tekening van de middag gemaakt. De tekenaar licht deze toe. En met deze creatieve terugblik, sluiten we de bijeenkomst af.