Verschuiven oplevering registratieobject

In het ontwikkeltraject voor de derde tranche is geconstateerd dat de eerdere planning voor het operationeel maken van 1 nieuw registratieobject en 2 wijzigingen van registratieobjecten uit Tranche 1 en 2 per 1 januari 2021 niet haalbaar is. Daarom schuift de oplevering daarvan 1 tot 2 maanden op. Dit is de meest praktische oplossing voor een knelpunt in de capaciteit, ontstaan door de coronacrisis en door toename van beheerwerkzaamheden naast ontwikkelwerkzaamheden.

Het gaat om de volgende registratieobjecten:

  • het nieuwe registratieobject Geologische Boormonsterbeschrijving (BGR-G)
  • de wijziging en aanvulling van Boormonsteranalyse binnen het registratieobject Bodemkundig Booronderzoek (BHR-P)
  • de wandmonsteranalyses binnen het registratieobject Bodemkundig Wandonderzoek (SFR)

Deze objecten worden in het algemeen door TNO of WENR aangeleverd, niet door overheden. Verschuiven van de inwerkingtreding van deze drie objecten heeft de minste impact op stakeholders. Hierdoor ontstaat voldoende ruimte om de registratieobjecten in het grondwaterdomein wel tijdig (1 januari 2020) operationeel te hebben.

Aanleveren

Aanleveren van gegevens aan de BRO van de uitgestelde objecten kan al vanaf februari (BHR-P, SFR) of maart 2021 (BHR-G). Er is altijd een aantal maanden nodig om de objecten ook wettelijk vast te leggen. De wettelijke verplichting om de uitgestelde objecten aan de BRO te leveren, treedt daarom per 1 juli 2021 in werking.

Inhoud Tranche 3 met verschuivingen in rood aangegeven.

Hoe verder?

De programmamanager zal in overleg met de ketenpartners een aantal maatregelen nemen om te voorkomen dat deze vertraging impact heeft op de planning van tranche 4. Doel is dat het programma met een mooi resultaat en volgens planning op 1 januari 2022 afgesloten kan worden.